www.voorvoetamputatie.nl/nl/home/voorvoetamputatie/hoe-verloopt-de-amputatie/

Hoe verloopt de amputatie?

Hoe verloopt de amputatie?

Overleg voor de amputatie

Samenwerking leidt tot succes

De revalidatie begint al bij de planning van de voorvoetamputatie. Het meest belangrijke voor uw verdere leven is om met de voet weer zo normaal mogelijk te kunnen staan en lopen. Daarom is het niet alleen belangrijk om te weten waar botten, pezen en spieren zich bevinden, maar ook wat de functie ervan is. Om deze reden is samenwerking tussen chirurgen, internisten, chiropractors, fysiotherapeuten en orthopedische technici erg belangrijk.

Samenwerking  verschillende deskundigen

De chirurg komt normaliter alleen op de bespreking voor de operatie om u het verloop van de amputatie toe te lichten. Na verloop van tijd zal een orthopedisch technicus bij het proces worden betrokken die later uw hulpmiddelen zal produceren. De aard van de amputatie heeft een enorme invloed op wat en hoeveel na de operatie met de voet mogelijk is. Tijdens de nasleep van de amputatie wordt u verzorgd door uw huisarts of specialist.
De primaire rol van de chirurg is het zodanig uitvoeren van de amputatie dat u aansluitend weer zoveel mogelijk kunt ondernemen.

Geen angst voor de amputatie

U hoeft zich over de amputatie geen zorgen te maken; de ingreep is in de regel niet gevaarlijk meer. De amputatie wordt namelijk zo voorzichtig mogelijk uitgevoerd. Het vindt plaats in het ziekenhuis onder volledige narcose. Hoe lang u in het ziekenhuis moet blijven is op voorhand niet te zeggen omdat het afhankelijk is van de wondgenezing. Ook hangt het af van de positieve verloop van de revalidatie (oefeningtherapie). Voor meer informatie hierover kunt u terecht op de pagina “Wat gebeurt er in de eerste weken na de amputatie”.

Verloop van de amputatie

Amputaties worden tegenwoordig uitgevoerd onder het motto: “zo veel als nodig, maar zo weinig mogelijk”. De chirurg verwijdert (onder narcose) zoveel weefsel als absoluut noodzakelijk is zodat u na de amputatie zo mobiel mogelijk blijft. De arts snijdt door de huid, verwijdert het zieke weefsel en bot, vormt de stomp en sluit de wond. Bovendien brengt de chirurg een wonddrainage aan. Dit is een buisje waardoor het wondvocht kan afvloeien.
De kunst is tegenwoordig niet meer de vraag hoe, maar vooral tot waar precies weefsel wordt verwijderd (zie onder amputatieniveau) en hoe de stomp wordt gevormd. Dit is van uiterst belang omdat de stomp moet kunnen worden belast zonder pijn. Daarom ‘polstert’ de chirurg het bot met spierweefsel en laat hij genoeg huid over om de stomp te sluiten zonder dat deze onder spanning staat. Het litteken bevindt zich zo mogelijk aan de achterkant van de voet zodat deze niet belast wordt en niet kan schuren.
Wanneer dit lukt, en dat is tegenwoordig altijd het geval, enkele uitzonderingen daargelaten, dan kunt u met een voetprothese uw vertrouwde leven (bijna) volledig hervatten. 

Na-amputeren kan noodzakelijk zijn

Vroeger zouden chirurgen liever iets te veel weefsel amputeren om zeker te weten dat al het zieke weefsel weg is. Tegenwoordig wordt de focus gelegd op het behouden van zoveel mogelijk weefsel. Des te meer weefsel behouden kan worden, des te hoger is de kwaliteit van het leven na de amputatie namelijk. Dit houdt helaas wel in dat een na-amputatie niet altijd kan worden vermeden. Maar dit is in alle gevallen in uw eigen belang. Hoe meer weefsel er wordt behouden des te mobieler zult u in uw verdere leven zijn. Zelfs bij een na-amputatie houdt men vaak meer weefsel over dan op de oude manier.  Dit alles is te danken aan de verbeterde operatiemogelijkheden vergeleken met twintig jaar geleden.

 




An Ottobock initiative© Ottobock SE & Co. KGaA